Een voorbeeld
Binnen een maatschap van 2 huisartsen is een geschil ontstaan over de praktijkautomatisering. De invoering hiervan heeft geleid tot een forse vertraging in het versturen van de rekeningen en een financiële achterstand.
Een van de artsen, hier A genoemd, was de grote voorstander van het nieuwe programma, dat meer extra's heeft dan het op zich redelijk functionerende oude programma. Zijn collega B heeft zich voor zijn gevoel wat laten overdonderen bij de besluitvorming en maakt zich meer dan A zorgen over de financiële achterstand door een minder ruim budget.
A heeft met de praktijkassistente een inhaalprogramma afgesproken, dat de praktijkfinanciën binnen 1 jaar op orde moet brengen. De assistente wil graag de leiding over het inhaalproject houden, om de invoering van de gegevens in het toch wel foutgevoelige computersysteem zo nauwkeurig mogelijk te kunnen volbrengen en fouten zoals in het vorige systeem zaten te kunnen vermijden.
Het conflict loopt hoog op, met wederzijdse verwijten en het begin van wantrouwen tussen de 2 artsen, die tot nu toe altijd goed konden samenwerken. Ze kiezen ervoor een mediator van de IMG en collega arts in te schakelen. Deze weet tijdens het eerste gesprek de zorgen van beide partijen boven water te krijgen. A schrikt van de bezorgdheid van B over de financiën, vooral dat deze er slecht van slaapt en gezondheidsklachten heeft gekregen. Hij geeft toe dat er fouten zijn gemaakt bij de invoering en dat er misschien te weinig overleg is geweest over de gevolgen voor de financiën, die beheerd worden door B. B zou graag een versnelde invoering zien met extra hulp, naast de vaste assistente, maar dit zou volgens A mogelijk teveel fouten opleveren en teveel interfereren met het werk en de zelfstandigheid van de assistente.
In het begin lijken de partijen veel langs elkaar heen te praten en zich te herhalen. Pas als het lukt elkaars belangen te verhelderen en erkenning voor elkaars zorgen uit te spreken lijkt de kou uit de lucht te raken. Op de vraag hoe beide artsen vroeger met elkaar communiceerden komt gelukkig ook de herinnering aan goede tijden weer terug. Die bevat ook een rest van de waardering die zij voor elkaar hadden, wat later de basis zal blijken van het herstel van het vertrouwen. De oplossing die beiden vinden, een strengere tijdsbewaking bij het inhaalproces en een pinapparaat voor snellere inning van de rekeningen, is dan al minder belangrijk geworden.
Na drie gesprekken kunnen de artsen elkaar en de mediator gelukkig weer de hand schudden. Later blijken ook de besprekingen over het maatschapcontract niet meer tot problemen te leiden.